De begeerte om te willen weten heeft een goede kant, want deze dient de geestelijke ontwikkeling. Zonder dat is de mens nog een blok hout. Onbewust en nog volkomen één met zijn fysieke lijf.
Het nadeel van de begeerte om te willen weten is dat de geest zich kan verzadigen met lege kennis van de wereld. Met theorieën die geen hout snijden en niets toevoegen. Daarom is de liefde voor de waarheid de grootste drijfveer.
HG 2, 60:12-60